Zelfs de indiener twijfelt: Hertzberger keert zich in NRC tegen het rapport dat ze zelf aanvroeg

Rosanne Hertzberger

Zelfs de indiener twijfelt: Hertzberger keert zich in NRC tegen het rapport dat ze zelf aanvroeg

Toen de Gezondheidsraad eind juni het langverwachte advies over transgenderzorg voor minderjarigen presenteerde, was de conclusie voor de meeste betrokkenen een opluchting: de Nederlandse aanpak is "zorgvuldig ingericht". Voor Rosanne Hertzberger, tot 2023 wetenschapscolumnist van NRC en sindsdien enige tijd Tweede Kamerlid voor NSC, heeft die conclusie een wrange bijsmaak. Zij was het namelijk zelf die in 2024, samen met SGP'er Diederik van Dijk, de motie indiende die toenmalig minister Pia Dijkstra opdroeg de Gezondheidsraad om advies te vragen. Nu het rapport er ligt, keert Hertzberger zich in een kritische NRC-column tegen de conclusies — een positie die haar op felle kritiek van voorstanders van de huidige genderzorg is komen te staan.

Een onderzoek dat weinig nieuws brengt

In haar column noemt Hertzberger het rapport weinig verrassend: het herhaalt in haar ogen grotendeels wat artsen van de genderklinieken al jaren beweren, zonder de kernvraag echt te beantwoorden. Die kernvraag is voor haar niet of het proces zorgvuldig verloopt — daaraan twijfelt ze niet — maar of de uitkomst voor elke patiënt de juiste is. "Je moet je realiseren dat je op basis van het gevoel van een jonge tiener een onomkeerbare beslissing neemt," schrijft ze. Ook na tientallen gesprekken en maanden van evaluatie blijft de uiteindelijke medische beslissing volgens haar steunen op het gevoel van een kwetsbaar kind — een fundament dat volgens haar te wankel is voor een ingrijpende en onomkeerbare beslissing.

Een veranderde populatie, een ongewijzigd protocol

Waar Hertzberger als Kamerlid vooral naar keek, is de manier waarop de groep jongeren die zich meldt met genderdysforie de afgelopen jaren is veranderd: van overwegend jonge jongens met een vroege, aanhoudende genderincongruentie naar een grotendeels nieuwe groep, met een sterke oververtegenwoordiging van meisjes in de puberteit en vaak bijkomende problematiek zoals autisme, angst of depressie. Die verschuiving zet volgens haar vraagtekens bij een protocol dat grotendeels is gebaseerd op onderzoek onder de oorspronkelijke, kleinere groep. Ze wijst erop dat landen als Finland, Zweden en Engeland hun beleid inmiddels hebben herzien en terughoudender zijn geworden met puberteitsremmers en hormonen bij minderjarigen, terwijl Nederland vasthoudt aan de bestaande aanpak.

Wat de cijfers wél laten zien

Opvallend is dat Hertzberger in haar column ook naar de cijfers uit het rapport zelf verwijst. Die laten zien dat het aantal eerste voorschriften van het puberteitsremmende middel decapeptyl de afgelopen zeven jaar niet is gestegen, maar juist is gedaald — terwijl het aantal verwijzingen naar genderzorg in diezelfde periode verdrievoudigde. Voor voorstanders van de huidige praktijk is dat een teken dat de poort al streng bewaakt wordt. Voor Hertzberger is het eerder een aanwijzing dat de kloof tussen instroom en daadwerkelijke behandeling groeit, zonder dat helder is waarom — en dat een rapport dat "zorgvuldig" concludeert zonder die vraag te beantwoorden, tekortschiet.

Reacties: 'mislukte motie' of terechte twijfel?

Haar column schoot bij voorstanders van de huidige zorg in het verkeerde keelgat. Op Joop, het opiniekanaal van omroep BNNVARA, betoogde publicist Tom Kniesmeijer dat Hertzberger zich vooral op haar eigen motieven richt en de kern van het debat ontwijkt: is er voldoende bewijs voor langdurige gezondheidswinst bij minderjarigen? Ook Volkskrant-columniste Jolande Withuis liet zich kritisch uit over de conclusie dat de Nederlandse genderzorg voldoende zorgvuldig zou zijn. Dat de kritiek dit keer niet van een buitenstaander komt, maar van de politicus die het onderzoek zelf liet uitvoeren, maakt het lastiger om als gepolariseerd wantrouwen weg te zetten: Hertzberger vroeg om feiten, kreeg ze, en concludeert dat de feiten haar twijfel niet wegnemen.

Illustratief is de column vooral voor een breder patroon: rapporten die op papier "zorgvuldig" concluderen, terwijl zelfs degene die het onderzoek liet instellen na lezing niet gerustgesteld is. Dat zet vraagtekens bij wat zo'n conclusie in de praktijk betekent voor de jongeren en gezinnen die nu voor de keuze staan.

Saskia Weijermars

Saskia Weijermars

Redactie

Veelgestelde vragen

Waarom is Hertzbergers kritiek opvallend?

Omdat zij als Kamerlid voor NSC in 2024 zelf de motie indiende die tot het Gezondheidsraad-onderzoek leidde — en nu ontevreden is met de uitkomst ervan.

Wat is de kern van haar bezwaar?

Dat de uiteindelijke medische beslissing nog altijd steunt op het gevoel van een kwetsbare tiener, terwijl de behandeling ingrijpend en onomkeerbaar is.

Wat laten de voorschrijfcijfers uit het rapport zien?

Dat het aantal eerste voorschriften van het puberteitsremmende middel decapeptyl de afgelopen zeven jaar daalde, terwijl het aantal verwijzingen naar genderzorg verdrievoudigde.